Vis op vrijdag

Vis op vrijdag

Twaalf jaar lang werkte ik als pastor in West Friesland. Elke vrijdag aten we in de viskraam op het dorpsplein. Een inspirerende plek voor een voorganger, want hier werden de nieuwtjes uitgewisseld en mijn maandelijkse column besproken uit het regionale dagblad, waarin de redactie mij een podium geboden had. De publieke ruimte is de plaats waar de kerk mijns inziens haar roeping heeft. Gevoed vanuit de zondagse gemeenschap heeft ze een plek in de wereld.

Dat gevoel krijg ik terug als ik vrijdag na het wekelijkse coventrygebed nog even de markt over ga en steevast een broodje vis ga eten. Viskramen uit Volendam, Spakenburg en Scheveningen staan daar collegiaal naast elkaar. “Is je dochter niet meegekomen vandaag”, vraagt de verkoopster en ik schiet in de lach. “Dat is mijn dochter niet, maar mijn stagiaire, maar dank dat je naar haar vraagt”. Sindsdien vergist ze zich niet meer, maar elke dag vraagt ze aan ons hoe het ermee gaat. Wat mooi dat ze persoonlijke aandacht heeft voor haar klanten, ondanks de hectiek die de markt met zich meebrengt.

Als we een andere week bij een andere kraam staan gebeurt er iets wat me ontroert. Terwijl we allebei een broodje vis bestellen, voor mij makreel en voor Roxy haring, komt er een man naast ons staan die duidelijk geen geld heeft voor vis. Blijkbaar komt hij vaker, want als hij vraagt of er nog vis over is, zegt de verkoopster vriendelijk dat hij even moet wachten. Als het broodje haring klaar is, denkt hij dat het voor hem bedoeld is en bedankt haar. “Wacht even, dat is niet voor jou”, zeg ik, terwijl ik nog net de teleurstelling in zijn ogen zie en de opluchting, want haring is blijkbaar niet zijn favoriet. Met een gul gebaar legt de verkoopster vier gebakken vissen in een bakje en geeft ze aan de man. “Dat is voor jou”, zegt ze, “geniet er maar van”.

En dan denk ik aan het Paasverhaal, als Jezus zijn leerlingen ontmoet en Hij aan hen iets te eten vraagt en voor hun ogen een stuk vis opat. Vandaag heb ik hem herkend hier op de markt.

Door diaken Theo van Driel